≈ Gawker & Pictory: op naar hogere advertentietarieven

Het blognetwerk Gawker heeft een ingrijpende redesign aangekondigd van haar sites. Het komt er op neer dat de sites hun scoops beter kunnen uitspelen en dat de site zo aantrekkelijker wordt voor gebruikers en adverteerders.

Veruit de beste analyse over de redesign en redactionele evolutie van het Gawker Media is die van Felix Salmon.

Volgens Salmon wil CEO Nick Denton van Gawker Media met een nieuwe layout en redactioneel concept een structurele fout aanpakken in het businessmodel van sites die volledig leven van advertentie-inkomsten.

Het aanbod van de advertentieruimte groeit sneller dan de vraag er naar. Dat weegt op de advertentietarieven, de kost per 1000 impressies (cpm).

The CPM game, then, is looking increasingly like a race to the bottom, where publishers desperately try every trick in the book to boost their pageviews and ad impressions, just to compensate for the fact that their revenues per page are very small.

The results — sensationalism, salaciousness, and slideshows — only serve to further erode the value of the sites in the eyes of advertisers, and put ever more downward pressure on those CPMs. It’s a vicious cycle, and Denton has decided that now is the time to break it: no longer does he want to deal with advertisers looking idiotically at clickthrough rates.

Felix Salmon.

Nieuwssites of andere sites die hun content proberen te monetiseren, moeten dus steeds op zoek extra pageviews, pageviews die echter minder en minder opbrengen.

Dat leidt tot een spervuur van berichtjes waar de kwantiteit belangrijker is dan de kwaliteit; hamster-journalistiek.

Weg van de hamster-journalistiek

Het cpm-model zorgt er voor dat sites die enkel hoogwaardige content leveren, het heel moeilijk hebben om een deftig advertentiemodel op te zetten. Dergelijke sites mogen dan wel een hoog bezoekersaantal hebben, ze creëren gewoonweg te weinig trafiek om rendabel te zijn aan de huidige advertentietarieven.

Genoeg bezoekers hebben is niet genoeg, die bezoekers moeten zich dan ook nog eens doodklikken op een overvloed van berichten.

Hoe raak je dan in godsnaam weg van dat soort hamster-journalistiek? Als blijkt dat slechts een minderheid van je lezers overweegt te betalen voor online nieuws en het cpm-model de advertentietarieven devalueert?

De uitdaging bestaat er dus in hogere advertentietarieven te kunnen vragen. Nick Denton zet zijn geld op video-advertenties in een lay-out waar ze zo goed mogelijk tot hun recht zullen komen. Maar er zijn nog andere mogelijkheden.

De glossy-advertenties van Pictory

Pictory, een van mijn favoriete foto-sites, experimenteert sinds vandaag met advertenties die veel weg hebben van glossy-advertenties in de print.

Every time, I stubbornly held on to this ad model: big, beautiful photo-based ads with the designer and photographer of the ad credited. I believed if I could pull that off, I could make a home for great advertising on the web.

Laura Brunow Miner

Op dagen zoals deze ben ik een beetje hoopvol dat het toch mogelijk is. Een businessmodel op basis van advertenties dat kwaliteitsjournalistiek kan ondersteunen.

December 1st, 2010  |  Published in ≈ Terzijdes
Tags: , , , ,

» Links voor 5 april

Vooraf: Geregeld bookmark ik sneller interessante links, dan ik ze hier kan posten als ‘≈ Terzijdes’. Om die achterstand in te halen, schrijf ik ze af en toe weg in één grotere post. Omdat ik tegen dan vaak al vergeten ben, waar ik de link heb opgepikt, ontbreken de bronvermeldingen vaak. Mijn excuses, maar er is 90 procent kans dat ze van de usual suspects komen: kottke.org, notcot, Twitter, del.icio.us en digg. En ja, ik heb te weinig tijd.

“If any company thinks that the iPad will allow them to rebuild the monopoly rent pricing structure of the 20th Century, then you’ve really fallen prey to the Steve Jobs’ reality distortion field, and you’ve blown yet another chance to build a credible digital business.” Kevin Anderson van The Guardian maakt zich druk over de prijszetting van iPad-apps door uitgevers.

“After some quality time with the iPad, I’ve decided the killer app is… …Safari”, Jeff Croft (o.a. Pictorymag).

“TPM had 79% more unique visitors in March 2010 than we did in March 2009.” Wow.

Vooraleer de Hawaïaanse hyperlokale nieuwssite van eBay-stichter Pierre Omidyar van start gaat, zijn ze bezig met het creëren van structural topic pages over onder meer de lokale overheid. (Ze dragen slippers op de redactie.)

Na de Verenigde Staten zijn de meeste geregistreerde gebruikers op NYTimes.com afkomstig van Afghanistan. Maar het is niet wat je denkt.

April 5th, 2010  |  Published in » Debriefing
Tags: , , , , ,

≈ Gezocht: passie

Ik heb onlangs We Feel Fine, an Almanac of Human Emotion gekocht. Zorgvuldig geaggregeerde of curated user generated content en infografieken in een prachtig vormgegeven boek. Meer heb ik niet nodig om overstag te gaan.

(Officiële embed met Amazon-link van http://wefeelfine.org.)

Since August 2005, We Feel Fine has been harvesting human feelings from a large number of weblogs. Every few minutes, the system searches the world’s newly posted blog entries for occurrences of the phrases “I feel” and “I am feeling”.

(…)

The result is a database of several million human feelings, increasing by 15,000 – 20,000 new feelings per day. Using a series of playful interfaces, the feelings can be searched and sorted across a number of demographic slices, offering responses to specific questions like: do Europeans feel sad more often than Americans? Do women feel fat more often than men?

(…)

At its core, We Feel Fine is an artwork authored by everyone. It will grow and change as we grow and change, reflecting what’s on our blogs, what’s in our hearts, what’s in our minds. We hope it makes the world seem a little smaller, and we hope it helps people see beauty in the everyday ups and downs of life.

Sinds kort is er in de online journalistiek een debat over het Grote, Alwetende Algoritme™, dat op basis van realtime zoekresultaten dicteert over welke onderwerpen journalisten moeten schrijven.

Een project zoals We Feel Fine, dat onmogelijk zou zijn geweest zonder algoritmes, geeft tegengas tegen de paranoia over een ‘slecht’ algoritme. De fout ligt niet bij de technologie, maar bij de mensen die technologie gebruiken.

De kunst van aggregeren

Een ander project dat het bewijs is dat aggregeren van andermans content meer kan zijn dan de som van het geheel, is Pictory. (Gemaakt in Django overigens.)

San Francisco – Pictory (20091222)-thumb

Pictory San Francisco.

Aggregeren is voor journalisten — als het al überhaupt wordt gedaan — nog al te vaak het archiveren en publiceren van interessante links, quotes, multimedia. Projecten zoals We Feel Fine en Pictory tonen aan dat het op een veel creatievere manier kan. Een manier die veel duurzamer is, dan het verzamelen van links.

Een reden waarom aggregeren zo moeilijk is voor (online) journalisten, is dat ze te weinig zijn gespecialiseerd in 1 onderwerp. De moderne journalist is een generalist, en moet van alles iets weten. Maar die expertise alleen is niet genoeg. Er moet ook passie zijn over het onderwerp:

Topic times voice. Or, if you’re a little bit more of a maverick, obsession times voice. So what does that mean? I think all of the best nonfiction that has ever been made comes from the result of someone who can’t stop thinking about a certain topic — a very specific aspect of a certain topic in some cases. And second, they got really good at figuring out what they had to say about it.

Daringfireball.net

Bovenstaand citaat is op veel zaken toepasbaar en zeker op online journalistiek. Het draait niet om de vorm (blogs, video, infografieken, link journalism), het draait om passie.

December 22nd, 2009  |  Published in ≈ Terzijdes
Tags: , , ,

Filmpjes

Recente items


Foto's

www.flickr.com

Over mezelf

Welkom op de persoonlijke website van Stijn F. Ik heb geschiedenis gestudeerd aan de Universiteit Gent. Daarna volgde ik de Masterclass Journalistiek aan de Erasmushogeschool Brussel waar ik stage liep bij Knack en bij De Tijd. Nu werk ik als internetredacteur.

Contact: stijnf apenstaart gmail punt com

Vroeger was ik beter