Wat is er blijven hangen na 5 dagen Tokyo

Ik werd vorige week uitgenodigd voor een bedrijfs- en congresbezoek in Tokyo van een Japans IT-conglomeraat. Het was overweldigend en fascinerend. Onder meer door het drukke programma, maar de stad op zich is al een machine waar je als Westerling wel de radertjes herkent en toch zwaar gedesoriënteerd kan zijn.

  • Door de infrastructuur en de wolkenkrabbers voelt Tokyo echt aan als een Amerikaanse stad, maar dan met een subliem openbaar vervoer, relatief veel fietsers en zeer weinig daklozen. (Ik heb er twee gezien op vijf dagen tijd.)
  • De taalbarrière is echt enorm. De meeste Japanners spreken slechts enkele zinnen Engels, al zijn ze zeer behulpzaam. Ik moest geld afhalen omdat mijn kredietkaart niet in een restaurant werd aanvaard en natuurlijk vond ik die 7Eleven niet in hetzelfde, gigantische, winkelcentrum waar je wel met een Mastercard geld kan afhalen. Mastercard wordt bijna overal in winkels aanvaard, maar niet bij de meeste bankautomaten. Drie kwartier gebaren maken en op plannetjes wijzen later, was het dan toch in orde.
  • Een zwart kostuum, wit hemd en zwarte das is er het bedrijfsuniform voor mannelijke bedienden (als ze geen bedrijfsuniform hebben). Maar achter die formele stijfheid zitten echte mensen. Ik heb nog nooit een CEO van een techbedrijf op een persconferentie onverbloemd strategische fouten zien toegeven. Silicon Valley-CEO’s lijken vaak meer chatbots die vage zinnetjes aframmelen waar alle kleur uitgehaald is en je beloven later echt te antwoorden (niet).
  • Als je naar Japan gaat, is een persoonlijke wifi-hotspot huren (mogelijk op de luchthaven) een redelijk goede investering. Je kan dan ook Google Maps gebruiken (Offline kaarten downloaden kan daar niet met kaarten-app van Google.)

» Reageer

Over Wat is er blijven hangen na 5 dagen Tokyo:
Datum: 18.05.2019 - 16:04
Rubriek: ≈ Terzijdes
Reacties: Geen

Dit is wellicht de nieuwe Pets.com

As WeWork grows and changes, its CEO is learning to listen more, he says in a group interview later. “Part of growing up is getting comfortable with the world, where people do have an opinion that might not be your opinion,” he says. “It’s good to listen.” Then, for the third time that day—perhaps because I’ve joined the interview remotely—he calls me Amy, which is not my name. A spokesman says he regrets that.

Bron: Bloomberg.

» Reageer

Over Dit is wellicht de nieuwe Pets.com:
Datum: 15.05.2019 - 14:45
Rubriek: ≈ Terzijdes
Reacties: Geen

Tokyo

» Comments Off on Tokyo

Over Tokyo:
Datum: 15.05.2019 - 12:57
Rubriek: ≈ Terzijdes
Reacties: Comments Off on Tokyo

‘It’s time to break up Facebook’

Wellicht het meest heldere pleidooi en de beste handleiding tegen (tech-)monopolies die een niet-economisch publiek zal lezen dit jaar.

“Mark may never have a boss, but he needs to have some check on his power. The American government needs to do two things: break up Facebook’s monopoly and regulate the company to make it more accountable to the American people.”

Link: It’s Time to Break Up Facebook

» Comments Off on ‘It’s time to break up Facebook’

Over ‘It’s time to break up Facebook’:
Datum: 10.05.2019 - 8:44
Rubriek: ≈ Terzijdes
Reacties: Comments Off on ‘It’s time to break up Facebook’
Trefwoorden: ,

De link tussen het Darpa-programma en soaps

Eisenhower and McElroy understood the resistance to radical ideas inside large organizations. McElroy had overcome resistance to his crazy soap opera idea. During his long military career, the president had seen firsthand how interservice rivalries slowed progress, and he complained about it both publicly and privately.

Uit Loonshots.

» Comments Off on De link tussen het Darpa-programma en soaps

Over De link tussen het Darpa-programma en soaps:
Datum: 05.05.2019 - 21:09
Rubriek: ≈ Terzijdes
Reacties: Comments Off on De link tussen het Darpa-programma en soaps

Dus, dàààg Twitter

*Blaast het stof van deze blog*

De nadelen wegen zwaarder door dan de voordelen. Het was na 12 jaar ruim tijd om er mee te stoppen.

De belangrijkste reden om Twitter tot het absolute minimum te beperken, is het boek Ruined by Design. Twitter is gewoon een verschrikkelijk bedrijf, misschien is het dat altijd geweest, dat zijn meest kwetsbare gebruikers overlevert aan internettrollen. Het zou veel meer kunnen doen om geen turbo te zetten op haat. Freedom of speech is niet gelijk aan freedom of reach, zoals ze dat bij Pinterest in de praktijk brengen.

Twitter is een bakker geworden die zijn brood verpest met zure en giftige krenten, een ongevraagd verslag van propaganda, gehaat en speelplaats-drama. ‘Dit heb je gemist’ is subtekst voor ‘Moet je nu eens horen wat voor verschrikkelijke dingen X tegen Y zegt’. Vaak van mensen die alleen maar belangrijk zijn omdat je er aandacht aan besteed en niet omgekeerd.

Twitter is nog altijd een goede plaats om interessante mensen te vinden en het meest interessante deel van het internet te vinden en het uit te lezen. Maar Twitter doet bijna niks om je al de toxische rotzooi te helpen zeven en te negeren, integendeel. Twitter past al jaren zijn platform aan om je als gebruiker in allerlei onzinnige discussies te dwingen, om je dingen te laten zeggen die je bijna nooit in iemands gezicht zou durven zeggen en om je waanzinnig veel tijd te doen verliezen. Facebook, zelfs Facebook, geeft je meer moderatietools.

Twee maand geleden logde ik uit op Twitter*. Ondertussen heb ik een werkbare manier gevonden om zonder trollen en drama goudklompjes te vinden. Ik gebruik Nuzzel, die Twitter voor je leest, bookmarks en nieuwsbrieven. Ik spendeer minder tijd online (en ik lees in de plaats veel meer boeken).

Interessante, althans wat ik interessant vind, links ga ik in het vervolg delen op deze blog. Ik ga de rss-feed ook koppelen aan mijn Twitter-account. In een ideale wereld verwijder ik mijn account volledig, maar het is voor de meeste mensen nog hun eigen nieuwsfeed/RSS-lezer.

Dus, dàààg Twitter.


Ik besef maar al te goed dat sommige mensen Twitter nodig hebben. Een jonge journalist heeft Twitter bijvoorbeeld nodig om zich te laten opmerken. Als ik kijk naar de jongere collega’s die via hun Twitter-account bij ons vast zijn binnengeraakt, is dat wel niet omdat ze elke dag al rellend de loopgraven uitstormen, maar omdat ze bewijzen dat ze iets door en door kennen en dat ze slechts 140/280 tekens nodig hebben om een helder verhaal te schrijven. (In de trant van ‘For sale: baby shoes, never worn.’)

*Ik moet nog wel even inloggen voor wat opkuiswerk enz. Maar daarna is het genoeg geweest.

» Comments Off on Dus, dàààg Twitter

Over Dus, dàààg Twitter:
Datum: 04.05.2019 - 11:58
Rubriek: ≈ Terzijdes
Reacties: Comments Off on Dus, dàààg Twitter
Trefwoorden: ,

≈ Techcrunch en het fonds van Michael Arrington Zo kan de deontologie voor journalisten er binnenkort uitzien

Een journalist van een tech-nieuwssite, mag die ook een partner zijn in een fonds dat investeert in de bedrijven waar de site over schrijft? Mike Arrington van Techcrunch die een het investeringsfonds Crunchfund gaat oprichten, denkt van wel. Zijn werkgever Aol. dacht dat ook, maar nu precies niet meer.

Er is al genoeg inkt over gevloeid en de storm zal niet direct gaan liggen. Maar als je een artikel leest, laat het dan het artikel van Alexis Madrigal zijn op de site van The Atlantic.

TechCrunch’s team is proposing that their own version of journalism, in which some pieces of the ethical machine have been tightened up (e.g. more transparency) while others have been loosened (e.g. investing in companies you cover is OK), is just as good as the Times’ version. It certainly is cheaper and faster, but it gains those advantages by devolving responsibility to the individual, not the publication. It’s every woman for herself. And we know how well that has worked out for the trade publications.

Alexis Madrigal.

Je zou het kunnen minimaliseren. Een enfant terrible in de journalistiek gaat zijn boekje te buiten. Maar dat is pas het begin. Journalistiek gaat door een identiteitscrisis omdat het haar monopolie op distributie van nieuws is kwijtgespeeld.

Politici, experts, insiders, etc… kunnen nu ook hun eigen informatie verspreiden en vaak zullen zij zaken produceren die qua kwaliteit absoluut niet onderdoen voor wat door journalisten wordt geproduceerd. En dit klimaat probeert Arrington de spelregels voor de journalistiek her uit te vinden.

» Comments Off on ≈ Techcrunch en het fonds van Michael Arrington

Over ≈ Techcrunch en het fonds van Michael Arrington:
Datum: 06.09.2011 - 21:59
Rubriek: ≈ Terzijdes
Reacties: Comments Off on ≈ Techcrunch en het fonds van Michael Arrington
Trefwoorden: , ,

≈ dS Weekblad en bewerkte artikels Waarom we met gerecycleerd nieuws zullen moeten leren leven

“Good writers borrow from other writers. Great writers steal from them outright.”

The West Wing, S04E02

Iedereen die op een redactie werkt, is er wellicht mee vertrouwd: Je krijgt een fotokopie van een artikel uit een buitenlandse krant of magazine waar “Even overleggen” op is gekrabbeld door een coördinator of een hoofdredacteur.

Dat is de oorsprong van veel artikels in magazines of weekendbijlagen van kranten. Het gaat vaak om de zogenaamde ‘tijdloze’ verhalen die ergens anders worden opgepikt en dan vertaald en/of bewerkt al dan niet met bronvermelding. Als je een beetje de buitenlandse kwaliteitspers volgt, heb je vaak een déjà vu gevoel bij het lezen van Vlaamse magazines en kranten.*

Bij dS Weekblad is dat niet anders. Zo gaat het coververhaal over dat een ouder de ontwikkeling van zijn kinderen kan schaden door ze krampachtig gelukkig willen te maken. Het stuk verwijst onder meer naar een “ophefmakend artikel” in The Atlantic.

Het is er in dS Weekblad duidelijk op geïnspireerd, maar de journaliste in kwestie heeft artikel niet zo maar vertaald. Er komen nog 3 andere bronnen en 2 experts in het artikel voor. Zo zou journalistiek meer moeten zijn.**

Soms is er geen tijd of ruimte voor een dergelijke grondige herwerking en is het item in kwestie grondig vertaald of ingekort. De reden is simpel. Om een item op papier te publiceren zijn er veel meer mensen nodig dan wanneer het online wordt gezet.

In het beste geval heb je een journalist, een eindredacteur, een corrector, een layouter, een zetter, iemand die de kleuren van de inkt kalibreert voor het papier, een drukker en een drukpers die al gauw tientallen miljoenen euro kost. Bovendien zijn er dan nog ondersteunende diensten zoals de distributie, sales, marketing, abonnementendienst, etc…

Om die complexe economie van productie en distributie van informatie in stand te houden, moeten er keuzes worden gemaakt. En vaak betekent dat je als journalist je wel heel erg moet ‘inspireren’ op andermans werk.

In een ideale wereld zou je voor iedere reportage ter plaatse kunnen gaan, maar die investeringen zijn vaak economisch niet verantwoord. Een letterlijke vertaling betekent auteursrechten en kost snel honderden euro’s. Het is vaak goedkoper om een eigen journalist een nieuw stuk over hetzelfde onderwerp te laten maken. En daardoor komt het dat afschrijven een realiteit is in de print. Met middelmatige journalistiek als resultaat.

Het probleem zou een stuk eleganter kunnen worden opgelost, mocht je in de print kunnen linken (en je lezers vlot meertalig zijn) zoals online. Dan zou je er gewoon uit kunnen citeren en naartoe verwijzen, eventueel aangevuld met extra informatie. Niets houd je tegen om in dit ‘blogformat’ ook nog eens rond te bellen.

Maar dat zit er precies niet in. Online nemen printmedia vaak gewoon de manieren van papier over. Niet linken, geen of weggemoffelde verwijzingen naar de concurrentie en vooral doen alsof we zelf het warm water hebben uitgevonden.

* Misschien nog een tip voor studenten journalistiek: Iedere journalist en dus ook hoofdredacteur heeft een dada. De een leest The Economist van voor naar achter. De ander gaat nergens heen zonder zijn exemplaar van The Financial Times of The New Yorker. Doe jezelf een plezier, vind zo snel mogelijk uit wat het favoriete leesvoer is van je stagebegeleider. Dat kan de introductie vergemakkelijken.

** Voor alle duidelijkheid, DS Weekblad is goed. Hier en daar moet er nog aan worden gevijld en ik vind dat er wel sterkere stukken of toch items met iets meer actualiteitswaarde in staan die de hoofdrol op de cover verdienden. Maar wellicht zal het magazine wel in den treure “gefocustgroept” zijn geweest. In ieder geval hoe meer goede journalistiek, hoe beter.

» Comments Off on ≈ dS Weekblad en bewerkte artikels

Over ≈ dS Weekblad en bewerkte artikels:
Datum: 28.08.2011 - 21:14
Rubriek: ≈ Terzijdes
Reacties: Comments Off on ≈ dS Weekblad en bewerkte artikels
Trefwoorden:

≈ #lezenswaardig

Op de recente Barcamp Ghent heb ik een korte presentatie gegeven over de longform-beweging in de (Angelsaksische) online journalistiek. Ongeveer samen de doorbraak van tools zoals Instapaper en Read It Later, is het delen van langere reportages of andere vormen van kwaliteitsjournalistiek een stuk populairder geworden.

Zo werden interessante, lange items op twitter gedeeld met de hashtag #longreads. Ondertussen is dat zo populair geworden, dat er verschillende sites zijn ontstaan die exclusief gewijd zijn aan longform-journalistiek: longform.org, longreads.com, byliner.com.

De zichtbaarheid van Nederlandstalige reportagejournalistiek is online redelijk beperkt. Zo is er nog geen longform-tag. Daarom had ik op Barcamp voorgesteld dat we vanaf nu interessante, langere items op Nederlandstalige sites zouden kunnen delen op Twitter met de hashtag #lezenswaardig. (Van mij part mag dat ook een andere hashtag zijn.) Ik had de twitter-account — @lezenswaardig — geregistreerd en zou die interessante links daarop verzamelen. Dat is een belofte die ik niet heb nakomen.

Het was voor mij ten eerste een slecht moment om dat project te lanceren. Het was zeer druk op professioneel vlak en ik ben kort na Barcamp naar Portugal op vakantie vertrokken. Bovendien is het aanbod van stukken online erg beperkt. De markt is erg klein. Als ik terug ben van de VS ga ik het nog eens proberen.

Ik wil in de eerste plaats een manier vinden om interessante journalistiek te vinden van Nederlandstalige media. Het is niet de bedoeling om daar een soort cultuurpaus te vinden. Er is veel gekanker over de kwaliteit van de journalistiek. Dat is geregeld terecht, maar gebruikers zijn zelf ook niet zonder zonden. De manier waarop nu wordt gemeten, maakt geen ondertussen tussen een item over de derrière van Pipa of een uitgebreid relaas van de eerste onderhandelingen tussen Elio Di Rupo en Bart De Wever.

Zoiets mondt uit in de tirannie van de pageview en zorgt voor heel wat oppervlakkig nieuws. Mediabedrijven gaan pas meer gestofeerde stukken online publiceren als ze merken dat er een markt voor is. Wanneer items specifiek worden gedeeld met de bedoeling om diepgaande journalistiek te signaleren, wordt dat extra engagement een beetje meer meetbaar.

Dus in plaats van verzuurd te reageren op Twitter en op Facebook waarom nieuwssites weeral over de derrière van Pipa schrijven, is het misschien beter er een ander stuk met meer diepgang te delen. Dat is een veel effectievere guerilla-tactiek.

Gegroet,
Stijn F. van het, eh, Quality Journalism Liberation Front.

» Comments Off on ≈ #lezenswaardig

Over ≈ #lezenswaardig:
Datum: 22.08.2011 - 14:43
Rubriek: ≈ Terzijdes
Reacties: Comments Off on ≈ #lezenswaardig
Trefwoorden: , ,

≈ Over een verloving, een carrièreswitch en jetlag

Bon, het is hier kwart na 5 in de morgen in San Francisco. En ik ben klaarwakker dankzij de jetlag. Ik ben hier gisteren of eergisteren, afhankelijk van de tijdzone, gearriveerd voor een persreis bij enkele bedrijven in Silicon Valley.

Ik ben nogal gedesoriënteerd, maar dat is misschien het ideale moment om deze site weer eens wat leven in te blazen met wat huishoudelijke mededelingen. 2011 is nu al een zot jaar.

Ten eerste, ik ben verloofd! Ik weet eigenlijk niet goed wat ik moet zeggen. Omdat als ik erover begin, er zo veel wil vertellen. Maar dit is hier noch het beste medium, noch het geschikte publiek voor een dergelijk ellenlang exposé. Laten we het hier ophouden: In de zomer van 2012 ga ik trouwen met iemand die ik niet meer uit mijn leven zou kunnen wegdenken.

Ten tweede, mijn schrijfsels verschijnen nu ook op dode bomen. Sinds begin augustus ben ik officieel redacteur voor Trends Magazine (financieel-economische berichtgeving). Mijn sector is de retailsector, maar ik word ook ingeschakeld voor ICT (vandaar de trip naar San Francisco) en media.

Afgelopen maanden kon je al stukken van mij in Trends lezen, toen was er nog een overgangsfase waar ik mijn functies bij de webredactie aan het overdragen was.

Het is geen gemakkelijke beslissing geweest. Ik had er een job die geen dag dezelfde was, met toffe collega’s en veel vrijheid. Maar het afgelopen jaar was er iets aan het knagen. Misschien komt het omdat ik de 30 zie naderen.

In de 3,5 jaar dat ik werk, heb ik steeds tussen 2 verschillende stoelen gezeten. Ik was journalist, maar ook iemand die ‘iets met internet’ deed. Dat is nog steeds de beste omschrijving denk ik. Dat was een tijd goed te combineren, en ik heb de voorbije jaren al sukkelend enorm veel ervaring opgedaan. Ik kon mijn journalistieke vaardigheden bijschaven en leerde ook zaken zoals nieuwe functionaliteiten bedenken voor ons cms.

Maar op een bepaald moment bots je op je grenzen. Ik vond van mezelf dat ik niet meer beter werd, dat ik minder bijleerde. Eigenlijk wist ik al sinds vorige zomer dat ik een keuze moest maken. Ofwel leg ik me toe op de journalistiek, ofwel verdiep ik me verder in product- en projectmanagement. Zo’n beetje aanmodderen en af en toe iets oppikken is geen optie. Door een gebrek aan focus blijven er te veel zaken liggen, en verlies je momentum en je passie.

Afgelopen herfst werd dat besef nog een stuk groter. Door enkele wissels aan de top, kreeg ik onverwacht de verantwoordelijkheid over de Nederlandstalige magazinesites. Het is een bevreemdende ervaring om opeens te moeten beslissen over de vakantieplannen van een 8-tal collega’s.

Ik had vanaf het begin gezegd dat ik dat op voorlopige basis wilde doen. Omdat ik niet echt zeker was of ik dat operationeel wel zou kunnen bolwerken. Dat ging redelijk, al ik had niet echt het gevoel dat ik de zaken een niveau hoger kon tillen.

Het status quo handhaven, dat kon ik. Maar op korte termijn een nieuwe dynamiek ontketenen, lag buiten mijn mogelijkheden. Misschien dat het na een jaar ervaring (lees: aanmodderen), wel zou lukken om een versnelling hoger te schakelen. Zo’n functie mag echter geen stageplaats zijn, zeker niet in deze sector en op dit moment. Slotsom: ik deed het graag, maar ik vond dat ik er niet klaar voor was.

Daarom heb ik rond het jaareinde gezegd dat ik er geen probleem mee zou hebben om een stap terug te zetten. Gelukkig is er een snel een opvolger gevonden die op alle vlakken stukken beter is dan ik. Bovendien klikte het nog ook en kon ik mijn coordinerende bevoegdheden snel ovedragen. Het resultaat mag er zijn.

De magazinesites groeien sterk en operationeel staan we er veel beter voor. De afgelopen maanden zijn er fouten gemaakt, en er is nog lange weg af te leggen. Maar als ik kijk naar de progressie die er is gemaakt, kan je niet anders dan erg optimistisch zijn. De sites hebben weer een toekomst en dat is het belangrijkste.

Maar persoonlijk bleef het knagen. Ik kan namelijk niet makkelijk kiezen, en ik zeg ook niet graag neen. Ik bleef nog steeds zweven tussen het journalistieke en de technische kant van de zaken. En ik vond dat ik op beide vlakken te lang ter plaatse bleef trappelen.

En op dat moment kreeg ik het aanbod te verhuizen naar Trends Magazine. Dat was nogmaals geen gemakkelijke beslissing. Maar als ik echt moet kiezen tussen een stuk schrijven of morrelen aan een cms, dan ligt mijn hart toch bij de journalistiek. En zolang ik op de webredactie zou blijven zitten, zou ik mezelf niet kunnen beheersen om mij met de technische kant van de zaak bezig te houden, te bemoeien.

Nu kan ik mij op het journalistiek toeleggen, want ik moet nog erg veel leren. Dat gaat van contacten leggen en inlezen tot leren een boekhoudigkundige balans en een jaarrekening analyseren. Dat was even wennen en het is ook gedeeltelijk een reden voor de lange radiostilte op deze site.

De overstap betekent niet dat ik online journalistiek loslaat. Bij Trends zijn de muren tussen print en online grotendeels gesloopt. Iets wat bij andere redacties niet altijd het geval is. En hoewel we door onze beperkte ploeg het niet altijd gemakkelijk hebben, proberen we toch iedere dag online ook meerwaarde te bieden.

Ik heb nog belachelijk weinig ervaring, en ben dus ook niet echt geschikt om veel carrière-advies te geven. Maar laat ik dat toch doen: Vroeg of laat weet je waar je echt naar toe wil. En dat moet je durven beslissen.

Eerlijk, er komt veel toeval bij te kijken en het is af en toe erg frustrerend. Maar voor mij is het goed uitgedraaid. Ik sta voor 2 enorme avonturen.

Dit wordt genieten.

(De carriereswitch heeft ook gevolgen voor deze site, maar dat is voor een andere post. Binnenkort. Beloofd.)

» Comments Off on ≈ Over een verloving, een carrièreswitch en jetlag

Over ≈ Over een verloving, een carrièreswitch en jetlag:
Datum: 21.08.2011 - 15:14
Rubriek: ≈ Terzijdes
Reacties: Comments Off on ≈ Over een verloving, een carrièreswitch en jetlag
Trefwoorden: ,

Filmpjes

Recente items


Over mezelf

Welkom op de persoonlijke website van Stijn F. Ik heb geschiedenis gestudeerd aan de Universiteit Gent en ik werk als journalist voor het financieel-economische weekblad Trends. Ik schrijf voornamelijk over technologie(bedrijven) en supermarkten.

Contact: stijnf apenstaart gmail punt com