≈ Waarom journalisten het zo lastig hebben met User Generated Content

January 14th, 2010  |  Geschreven in ≈ Terzijdes  |  1 Reactie

I’ve read all the essays in Journalists Defending Journalism http://jr.ly/qc2v They’re obsessed with the threat from User Generated Content.

Jay Rosen op Twitter.

Ik heb de essays nog niet gelezen, maar de reactie van Jay Rosen op Twitter vat eigenlijk heel goed samen waar old school journalisten zich vaak in vastrijden in debat over journalistiek en nieuwe media: User Generated Content.

Journalisten reageren vaak zo overdreven emotioneel op User Generated Content omdat die hen in een identiteitscrisis heeft geduwd: Journalisten zijn gatekeeper af en kunnen ook niet meer claimen dat enkel zij uitstekende journalistiek produceren.

1. Heimwee naar journalisten als gatekeepers

Recent vond er een debat plaats aan de Hogeschool Universiteit Brussel over de toekomst van de journalistiek, georganiseerd door masterstudenten journalistiek. Een verslag daar van stond in het decembernummer van De Journalist. Ik kon er zelf niet bij zijn.

Op basis van het verslag leken het genuanceerde discussies. Toch zie je daar ook dat Vlaamse journalisten nog steeds worstelen met User Generated Content.

“In een opiniestuk over de Vlaamse blogs schreef ik eens dat ik heel weinig goede blogs terugvond in Vlaanderen”, gooide Kristof Hoefkens (redacteur cultuur en media bij De Standaard) de knuppel in het hoenderhok. “Ik kreeg er veel virtuele knuppels voor terug.” Georges Timmerman (De Werktitel) gooide er meteen nog eentje achteraan: “Is er eigenlijk wel goede burgerjournalistiek in Vlaanderen?”

Is er een professionele filter nodig tussen de burgerjournalist en de professionele sector? Of om het met moderator Peter Verlinden scherp te stellen: “Mag iedereen op eender welke ongecontroleerde manier nieuws lanceren?”

De Journalist, december 2009.

Ter plaatse zal het betoog van de panelleden ongetwijfeld genuanceerder zijn geweest, maar in die roep om een filter schuilt er veel heimwee naar de goede oude tijd.

De tijd waar je nog Humo las om te weten welke platen er hip waren en niet Cutting Edge, Digg of Goddeau. Waar je nog de krant moest lezen of de televisie open moest te weten wat deze of gene politicus nu bedoelde in plaats van de website, de facebook-pagina, de twitteraccount, etc… te volgen. Die gatekeeper-functie is definitief verdwenen.

2. Journalisten verliezen hun claim op uitstekende journalistiek

De proef zou eens op de som moeten worden genomen, maar stel dat je journalisten (= mensen min of meer voltijds journalistiek werk leveren voor mediabedrijven) vraagt de verhouding tussen bloggers, mensen die Wikipedia onderhouden, etc… en hen te visualeren. Hoeveel van hen zouden er een piramide schetsen?

Onderaan heb je ‘gewone’ bloggers. Daarboven heb je de ‘goede’ bloggers. En aan de top heb je de journalisten die ‘echte’ journalistiek leveren.

Journalisten worden echter meer en meer generalisten en minder specialisten, zeker binnen de huidige organisatie van mediabedrijven. Het is een kwestie van rendabiliteit. En ik vrees dat die trend nog lange tijd zal blijven aanhouden, vooraleer de slinger — ongetwijfeld — terug zal slaan.

Vanuit die realiteit kunnen journalisten niet meer het monopolie op uitstekende journalistiek claimen. Dat lukt nu al niet meer binnen bepaalde niches, zoals technologieverslaggeving.

Het verschil zit hem in de expertise die er voor zorgt dat een gepassioneerde ‘amateur’ veruit beter werk kan leveren dan een journalist die een vlot, maar oppervlakkig stuk kan maken. De hobbyist heeft er het gros van zijn vrije tijd voor over, de journalist kan of wil zich soms niet meer dan een uurtje per week vrijmaken om zich in een onderwerp te verdiepen.

3. Stenen gooien vanuit een glazen huis

Wil een journalist in de huidige omstandigheden kwalitatief werk blijven leveren dan zal hij of zij verder moeten kijken dan zijn of haar traditioneel netwerk. Meer nog, journalisten zullen de community van gepassioneerde amateurs de hand moeten reiken en moeten aanvaarden dat zij de hulp zullen nodig hebben van hobbyisten.

Of journalisten kunnen blijven hun neus ophalen voor User Generated Content. En bij iedere fout op Wikipedia of zaken zoals de farce met koningin Fabiola op Belga zichzelf op de borst kloppen zonder al te veel zelfkritiek. Maar daarvoor is de (Vlaamse) journalistiek niet foutloos genoeg.

But in my first week as a newspaper editor I misidentified a source. He was a 300-pound German-American plumber, even more intimidating than Bremner, and when he got done with me, he had cleared up any misunderstanding I might have had about the importance of checking it out.

In my years as a print copy editor in St. Louis and Minneapolis, I was made acutely aware of just how close we all are to making fools of ourselves in public every day. I learned just what a glass house we live in.

It is not wise to throw stones at the people outside.

Steve Yelvington.

Trefwoorden: , ,

Reacties

  1. freaq zegt:

    January 15th, 2010 om 15:13 (#)

    Het laatste bastion, dat zich specialiseerde in nichemarkten als babystatistieken en de Kerk, is onlangs ook gevallen 🙁

Filmpjes

Recente items


Over mezelf

Welkom op de persoonlijke website van Stijn F. Ik heb geschiedenis gestudeerd aan de Universiteit Gent en ik werk als journalist voor het financieel-economische weekblad Trends. Ik schrijf voornamelijk over technologie(bedrijven) en supermarkten.

Contact: stijnf apenstaart gmail punt com